iamrenate

About

Tijd voor ‘Online identity management’

Mijn eerste ervaringen met en op het internet dateren uit 1994. Ik studeerde Communicatie in Eindhoven, de mediatheek was de plek om het internet te ontdekken (Hotmail, De Digitale Stad).  In die tijd maakte ik mijn eerste profielen aan, online identity management bestond echter nog niet. Hoe dan ook: internet trok mijn aandacht en ik was direct fan.

Anno 2012 (ik kijk vooruit) ben ik nog steeds fan, maar is het wel anders. Een beetje surfen, ontdekken en spelen is leuk, maar wat levert het op? Wie wil ik betrekken bij mijn verhaal, in mijn netwerk en vice versa? Wat laat ik van mezelf zien en wat niet? Welke zoekresultaten zijn wenselijk wanneer iemand mijn naam googled? Wat zijn redenen waarom mensen mijn naam googelen? Internet is personal business geworden. 

Wanneer je je bezighoudt met online communicatie voor je werk, zoals ik, dan is het eigenlijk not done om zelf niet op-en-top aanwezig te zijn op het net. Vind ik. Makkelijker gezegd dan gedaan, dat wel.  Je kunt je profielfoto photoshoppen om er beter uit te zien. Ga creatief om met de manier waarop je werkervaring en competenties omschrijft en je bent headhunters-waardig. Het is mogelijk om followers en vrienden te krijgen, zonder dat je ook maar één keer een digitaal woord wisselt met de meeste van hen. Op Facebook laat je met een klik zien wat je leuk vindt en via twitter tweet je een interessante link of reageert met een #.  

Het web biedt oneindig veel mogelijkheden om van alles te publiceren en delen: informatie, foto’s, video’s, belevenissen, gedachten, meningen, gevoelens. Toch vraag ik me af waar het voor mij over gaat, waarom ik gebruik maak van het aanbod op internet. Na al die jaren weet ik aardig de weg en heb ik gelukkig wel enig idee over wat ik hoe online zet en waarom. Echter, internet is steeds meer een extern lichaam met daarop profielen en dergelijke die een verlengstuk van mijn in real life persoonlijkheid representeren. Dat geldt niet alleen voor mij, internet en alles wat daarbij hoort is gemeengoed geworden. Kijk maar naar de groei in gebruik van computers, mobiele gadgets en social media. Kortom ik bespeur enige chaos bij mezelf, tijd voor actie!

Dus zet ik op mijn te-doen-lijstje: online identity management. Dat klinkt en leest heel professioneel, toch even kijken wat Wikipedia zegt  http://en.wikipedia.org/wiki/Online_identity_management. Het begint met “Online identity management (OIM) also known as online image management or online personal branding or personal reputation management (PRM)” Hmm… dit is niet helemaal wat ik bedoel.  Dit heeft met name met de perceptie van anderen te maken, een imago. Ik ben nu met mezelf bezig, voor zover heb ik online geen reputatieproblemen, dus dat stukje bewaar ik voor later. 

Laat ik mezelf wat vragen stellen. 

  1. Hoe zou ik mijn gewenste online identiteit omschrijven? 
  2. Uit welke delen bestaat deze online identiteit, wat van mezelf wil ik delen?
  3. Welke social media/websites gebruik ik nu en wat laat ik daar wel en niet zien?
  4. Wat kan ik verbeteren en veranderen in mijn huidige online aanwezigheid?

Vragen die niet in bovenstaand rijtje staan, maar wel wezenlijk zijn aangaande mijn online identity luiden: ”Wie ben ik?” en “Wat wil ik ?” Voor sommige mensen zijn de antwoorden vanzelfsprekend, anderen denken er niet over na; die zijn en doen gewoon. Ik hecht misschien teveel waarde aan het vinden van de antwoorden die alleszeggend- en omvattend zijn. Zonder te denken dat ik dergelijke inzichten in this lifetime ga vinden (misschien als ik heel oud en wijs mag worden), is het praktisch gezien wel goed om stil staan bij mogelijke antwoorden en richtingen. Het helpt me mijn identiteit online, maar zeker ook offline, invulling te geven op een manier die wellicht de gewenste personal business oplevert. 

6 notes oim identiteit socialmedia online

La Grande Revue Philips (The Great Philips Review)

Al klikkend kwam ik deze bijzondere advertentie uit vroegere tijden tegen, gemaakt door George Pal voor Philips Radios in 1938. Aanrader! 

Op internet ga ik op zoek naar meer informatie die ik vind op www.europafilmtreasures.eu: ”This astonishing advertisement film made in 1938 for Philips radios, is the work of a brilliant forerunner of animation: George Pal. It uses the puppets from his invention called “Puppetoons”, composed of numerous interchangeable wooden parts and filmed image by image. Months of work for a 5-minute dream in Technicolor!”

"Puppetoons" :)

Grappig woord, even kijken wat Wikipedia zegt: “George Pal’s Puppetoons were a series of animated puppet films made in Europe in the 1930s and in the U.S. in the 1940s. They are memorable for their use of replacement animation: using a series of different hand-carved wooden puppets (or puppet heads or limbs) for each frame in which the puppet moves or changes expression, rather than moving a single puppet, as is the case with most  stop motion puppet animation.” Even verder op staat een verwijzing naar een heuse Puppetoon Site.

Why Philips Radio?

Pal maakte meer reclamefilmpjes voor Philips Radio lees ik op The George Pal Puppetoon Site: ”Philips was one of the first companies to utilize Pal’s films for advertising. Radio was the “TV” of the time, and Philips wanted to communicate the world-opening wonders of radio to people at theaters. Different kinds of music from around the world provided a perfect backdrop for Pal’s animation, which works wonderfully when set to music. As with other animated musical cartoons, the animation was “scored” to perfectly match the music, beat for beat. Philips commissioned at least 10 Puppetoons between 1934 and 1939:

  • Radio Valve Revolution (1934) 
  • Ether Ship (1934) 
  • The Little Broadcast (1935) 
  • Philips Cavalcade (1934-9?) 
  • Sleeping Beauty (1935) 
  • The Magic Atlas (1935) 
  • World’s Greatest Show (1935) 
  • In Lamp Light Land (1935) 
  • The Big Broadcast of ‘38 (1937) 
  • Hoola Boola (1938?) 
  • The Ballet of Red Radio Valves (1938)”

Hier eindigt voor nu mijn impulsieve speurtocht naar aanleiding van Le Grande Revue Philips. It was fun, op naar de volgende ontdekking.

1938 advertising George Pal animation

#leestip - In ‘De Conversation Manager’ en ‘De Conversation Company’ presenteert Steven van Belleghem een nieuwe marketingfilosofie. Deze filosofie gaat uit van een dialoog tussen merk en consument: de conversatie. In handige voorbeelden en overzichtelijke concepten wordt in ‘De Conversation Manager’ uitgelegd hoe en waarom merken het gesprek zouden moeten aangaan met hun (potentiële) klanten. ‘De Conversation Company’ gaat een stap verder. Hierin geeft Van Belleghem zijn visie op de ideale bedrijfscultuur waarin medewerkers en klanten ook woordvoerders zijn voor een merk.

www.theconversationmanager.com

boeken conversation manager marketing

Link: He Took a Polaroid Every Day, Until the Day He Died


Gevonden! De blog die ik ooit bijhield om mijn vondsten op het internet te delen via het ter ziele gegane happyvpro.nl. Een van de berichten vind je hieronder, over een man die iedere dag een polaroid nam. Van 1979 tot 1997.

04-24-79

"As a senior at Bard College in 1979, Jamie Livingston acquired a Polaroid camera. After a few weeks, he noticed that he was taking about one picture a day, and shortly thereafter he decided to continue doing so.
The project, which quickly evolved into something of an obsession, began with a snapshot of Mindy Goldstein, Mr. Livingston’s girlfriend at the time, along with another friend, both of them smiling at something outside the frame. It ended 18 years and more than 6,000 photos later with a self-portrait of the photographer on his deathbed on his 41st birthday. He died on October 25, 1997.” Bekijk alle polaroids op photooftheday.hughcrawford.com
Bron: http://www.nytimes.com/2008/10/12/nyregion/thecity/12day.html?_r=0



1 note polaroid story photography